Verzorgenden, eerst verantwoordelijke verzorgenden en mbo-verpleegkundigen zullen in de ouderenzorg van morgen in overleg met de ouderen moeten kunnen bepalen welke zorg nodig is, hen stimuleren zelf de regie te nemen over hun ziekte en gezondheid en meer moeten sa-menwerken met andere zorgverleners; niet-samenwerken kan niet meer.
Een dergelijke benadering vraagt andere competenties dan voorheen. Het College voor de Beroepen en Opleidingen in de Gezondheidszorg (CBOG) heeft dit daarom als insteek gekozen voor haar innovatieprojecten op het gebied van de ouderenzorg. Eén van die projecten betreft het inventariseren van beschikbare en vereiste competenties van mbo-opgeleide beroepskrachten voor interdisciplinaire samenwerking in de ouderenzorg. Het CBOG heeft het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt (KBA) gevraagd die inventarisatie uit te voeren.
Onderzoek
In het onderzoek stonden twee vragen centraal:
- Welke competenties zijn voor mbo-opgeleide beroepskrachten in de ouderenzorg vereist om goed te kunnen samenwerken met zorgverleners vanuit verschillende disciplines, waarbij steeds de zorgvraag van de oudere centraal staat?
- Over welke competenties beschikken de huidige mbo-opgeleiden die in de ouderenzorg werken, om goed te kunnen samenwerken met zorgverleners vanuit verschillende disciplines, waarbij steeds de zorgvraag van de oudere centraal staat?
Uitkomsten
Competenties voor interdisciplinair samenwerken
Het onderzoek wijst uit dat om interdisciplinair te kunnen samenwerken, competenties zijn vereist op de volgende gebieden:
- communicatie met zorgvragers
- informatie uitwisselen
- houding
- zorgleefplan en zorgproces
- samenwerken in een (multidisciplinair) team
- regie, coördinatie en bemiddeling
- organisatie en beleid
Elke categorie bestaat uit meerdere items (i.c. houdingsaspecten, kennis en vaardigheden); de totale lijst bestaat uit 71 items. Elk van deze items is vereist om in de ouderenzorg interdisciplinair te kunnen samenwerken; beroepskrachten zelf en andere betrokkenen verschillen daarover niet van mening.
Vereiste versus beschikbare competenties
Gemiddeld vindt iets meer dan de helft van alle respondenten dat de drie beroepsgroepen niet beschikken over de competenties die zijn vereist. Ook in dit geval denken beroepskrachten zelf en andere betrokkenen hier vrijwel hetzelfde over. De grootse verschillen tussen vereiste en beschikbare competenties concentreren zich op drie categorieën: samenwerken in een (multi-disciplinair) team (tot deze categorie behoren echter ook een aantal competenties met de kleinste verschillen), communicatie met zorgvragers en zorgleefplan en zorgproces.
Gevraagde versus aangeboden competenties
In het onderzoek is ook gekeken naar de gevraagde en aangeboden competenties in respectievelijk beroepscompetentieprofielen en kwalificatiedossiers (voor de evv’er is er geen kwalificatiedossier). Hieruit blijkt dat alle gevraagde competenties ook feitelijk op de werkplek vereist zijn. Tegelijkertijd wordt in de beroepscompetentieprofielen in de vorm van competenties of prestatie-indicatoren nauwelijks aandacht besteed aan communicatie met de zorgvrager. Voor de kwalificatiedossiers (met de aangeboden competenties) kon dit niet worden vastgesteld, omdat deze vooral op hoofdlijnen aangeven wat beginnende beroepskrachten moeten kunnen; dit laat zich lastig vergelijken met de gedetailleerde lijst kennis en vaardigheden die in het onderzoek is gebruikt.
Aanbevelingen
Om beroepskrachten te trainen in de competenties om interdisciplinair samen te werken blijkt in de ouderenzorg een duidelijke voorkeur te bestaan voor scholingsmogelijkheden op de werkplek. Dat geldt met name voor oefenen op de werkplek en werkplek-coaching. Gelet op het achterblijven van de competenties waarover beroepskrachten beschikken bij de competenties die zijn vereist én de voorkeur om hierin via scholing op de werkplek te voorzien, bevelen de onderzoekers het CBOG dan ook aan op korte termijn te starten met een vervolgtraject om een scholing voor interdisciplinair samenwerken te ontwikkelen dat door zorgorganisaties in de ouderenzorg zelf kan worden uitgevoerd.
Een tweede aanbeveling is om in het aan te bieden scholingstraject nadrukkelijk competenties aan de orde te stellen op het gebied van de communicatie met zorgvragers. Dit is namelijk één van de categorieën competenties met de grootste verschillen tussen vereiste en beschikbare competenties. Bovendien hebben deze competenties in de beroepscompetentieprofielen van verzorgenden, eerst verantwoordelijke verzorgenden en mbo-verpleegkundigen een weinig prominente plaats.